Tag Archives: Jean Bethune

Jaargang 120 (2020), aflevering 1

Lori van Biervliet De mysterieuze Mann in het leven van Jean-Baptiste Bethune (1) 5-24
Jan Van Acker Tempeliers in Veurne en omgeving 25-35
Ronald Van Belle Het verdwenen glasraam van de familie van den Heede – de l’Avocant in de Onze-Lieve-Vrouwekerk in Brugge (ca. 1540) 36-57
Marc Carlier Rochus Serneels junior (1775-1831), en niet zijn vader, tekende het Portret van een man (1804) 58-67
Frans Debrabandere Pinkelen  68-70
Erik Muls Het bestuur van het mannentuchthuis in Brugge (1771), een voogdenportret van Charles-Nicolas Noël 71-90
Jan Steeman Charles van Rysselberghe aan de slag als adjunct-stadsarchitect in Oostende (1877-1879) (1) 91-108
Koenraad Vandenbussche Angst voor rellen in Slijpe in 1791 109-110
Ludo Vandamme Papier uit Rouen voor boekbinder Jan Vyncx, 1576 111-113
Lucien Van Acker Wie was C.C., de naamloze auteur in Biekorf 1899? 114-115

Mengelmaren
Een erratum uit 2001 (L.V.A.) 113. – Errata 115. – Paardenpaternoster in Geluwe (L.V.A.) 116. – Gezellen van retorica in Koekelare (1516) 116. – Jacht op vossen in het Brugse Vrije tijdens de achttiende eeuw (L.V.A.) 116-117. – Verboden boeken in Keiem (1548) (Koenraad Vandenbussche) 118. – Jacob Pamelius (1536-1587) en een anonieme Disputatio uit de 12de eeuw (LV) 118-119. – Alfons De Cock contra Jules Leroy (L.V.A.). 119. – De voorouders van Lodewijk van Gruuthuse (LVD) 119. – Asiel in kerk van Varsenare voor een moordenaar (1554) (Koenraad Vandenbussche) 120. – De bibliotheek van Jacob de Fevre en Joanna Wyts, 1632 (LVD) 121. – Plunderende Oostendenaars (1552) (Koenraad Vandenbussche) 122-123. – Opstoot van pest in het Brugse Vrije (1557-1558) (Koenraad Vandenbussche) 123. – De familienaam Stadsbader (L.V.A.) 123. – Vernieuwende website www.gezelle.be brengt Gezelle tot leven (Marc Carlier) 124.  

Boekbesprekingen
Dirk Van de Perre, De relatie van de heren van Pollare (van Aa) met die van Brugge (Gruuthuse) (LVD) 119-120.

Beantwoorde vragen
Flagellanten in Diksmuide (L.V.A.) 70. – Zantersgilde in Lichtervelde (L.V.A.) 117-118.

In memoriam
Griet Maréchal (1942-2019) (Jan Van Acker) 122.

Kleine verscheidenheden uit Vlaamse bronnen (Peter De Baets en Jan Van Acker) 125-126
Zidende. – Advoyeren. – Bewateren. – Buckevel. – Callegevaer. – Cnaepwevere.

Vraagwinkel 127-128
Schapenkoersen. – Westbeveren. – Imkerij contra jachtrecht. – De orde van de Olifant. – Vander Cruyce eximius. – West-Vlaamse chichoreidrogers in Engeland. – Vlaamse ploeg in het Rijnland. – Bastaarddochter van graaf Lodewijk. – Funeraire banden in kerken. – Een havik als leenverplichting. – Paardenhandelaars uit Friesland in Vlaanderen. – Lysschemoeye. – Voornaam Hercombedomus.

 

Stichting

De stichting van Biekorf zou gebeurd zijn op “een voorjaaravond in 1889” op de kamer van priester-leraar Edward van Robays (°1855-+1906) in het Brugse Sint-Lodewijkscollege. Daar waren veelal leden van de “Biehalle” aanwezig, waaronder Emiel Demonie (°1846-+1890), August Van Speybrouck (°1843-+1922),Jan Craeynest (°1858-+1929) en nog anderen. Voor het nieuw tijdschrift hadden ze steun gekregen van Gezelle, die de titel Biekorf voorstelde. Jean Bethune tekende het logo met de bijenkorf.

De aankondiging voor het tijdschrift “Biekorf” werd verstuurd op 10 mei 1889. In deze aankondiging vermeldde men enkele “stichters”, in werkelijkheid ging het om gereputeerde namen die het tijdschrift van bij de lancering wilden ondersteunen: Guido Gezelle, Juliaan Claerhout (°1859-+1929), Karel de Gheldere (°1839-+1913), Emiel Lauwers, Hendrik Persyn (°1857-+1933), Eugene Van Steenkiste (°1841-+1914), Hugo
Verriest
, Edward Van Robays, Alfons Janssens en August Cuppens.

Heel wat meewerkende auteurs uit de beginjaren waren lid geweest van het flamingant genootschap “Swighenden Eede” of waren intens betrokken geweest bij de redactie van de “Vlaamsche Vlagge”.
Het tijdschrift kreeg al onmiddellijk een tegenslag te verwerken: redactievoorzitter Emiel Demonie overleed in de loop van de eerste jaargang. Een andere stichter, Edward Van Robays, werd jezuïet en vertrok naar de missies in Indië. Het bestuur van Biekorf was alleszins in handen van een opstelraad of berek, maar de exacte samenstelling is tot nu onduidelijk: er bestaat nauwelijks archief over Biekorf en het berek bleef in de beginjaren grotendeels anoniem. Alleszins was de Brugse apotheker Adolf De Wolf (°1844-+1922) secretaris en penningmeester. Andere berek-leden waren Alfons Dassonville (°1860-+1936) Juliaan Claerhout en Cyriel Delaere (°1861-+1917).

In het begin was Biekorf een leesblad gericht op taal: gedichten, toneel, vertalingen, taalkunde en toponymie. Na het teloorgaan van “Loquela” (1881-1895), het taalkundig maandblad van Guido Gezelle, konden zijn “zanters” (woordenverzamelaars) terecht bij Biekorf. Ook wetenschappelijke en zelfs medische bijdragen werden niet uit de weg gegaan vanuit de stelling dat elk onderwerp in het Vlaams kon beschreven worden. Evenwel zou Biekorf nooit de weg van de politieke actie opgaan. Dit was volledig in de lijn van Gezelle, die jarenlang tot zijn overlijden zou meewerken. Gezelle streefde naar een herwording van Vlaanderen door bewustmaking van het eigen verleden en van de eigen waarde.

wil u terug naar de pagina geschiedenis, klik dan hier